Gedachtengoed

De Omgevingswijzer is ontwikkeld om duurzaamheid concreet te maken bij ruimtelijke ontwikkelingen, specifiek in het domein van grond-, weg- en waterbouw. De wijze waarop dat gebeurt, sluit aan bij de inzichten van de VN-commissie-Brundtland uit 1987. Deze commissie stelde dat bij duurzame ontwikkeling sprake is van een ideaal evenwicht tussen ecologische, economische en sociale belangen. De Omgevingswijzer geeft de ecologische (planet), economische (profit) en sociale belangen (people) ieder invulling met vier thema’s. Het resultaatwiel maakt inzichtelijk of de verschillende belangen in evenwicht zijn.

plaatje gedachtengoed

Het doel van de Omgevingswijzer is integrale, duurzame planvorming te ondersteunen. De Omgevingswijzer is niet de enige manier om dit te bereiken. In het economische domein is het streven naar een donut-economie ook een manier om tot integrale plannen te komen. De essentie is de economische belangen in te passen binnen de draagkracht van het ecosysteem (ecologische belangen) en wat nodig is voor een menswaardig bestaan voor alle mensen (sociale belangen). Ook de drie basisprincipes van goede architectuur van Vitruvius geven richting aan een integrale en duurzame planvorming. Het streven daarbij is belevingswaarde, gebruikswaarde en toekomstwaarde in evenwicht te brengen. Onder de noemer Natuurlijk Kapitaal staat een duurzame benutting van natuurlijke bronnen centraal.

De verschillende invalshoeken botsen niet met elkaar, maar leggen wel verschillende accenten. Het doel is in alle gevallen het gesprek over verschillende belangen te faciliteren en het gezond verstand te gebruiken om tot integrale, duurzame keuze te komen. Het is dan ook niet nodig en ook niet wenselijk om dogmatisch vast te houden aan de Omgevingswijzer: benut het instrument zo dat je samen met de stakeholders en partners het beste resultaat bereikt voor een duurzame leefomgeving.